Die (vrienden)kring is al meer dan dertig jaar een rode draad in zijn leven: ze komen nog steeds elke twee weken bij elkaar. ‘Zo lang met dezelfde mensen in gebed, aanbidding en verdieping lijkt eenzijdig, maar is dat nooit geweest. Geloof staat niet stil, elke dag ervaar je weer iets nieuws: we blijven leerlingen.’
Vanuit de studentenvereniging naar een vervolgstap – onderdeel zijn van een kerk – duurde wel even. Lang was zijn gedachte: ‘Wat ze daar op zondag doen, sluit op tal van punten niet aan op de maandag: de thema’s, woordkeuze, liederen, gebruiken’, Nu vindt hij het omzien naar elkaar in en vanuit een kerk juist heel essentieel. ’Gemeente zijn betekent dat je iets voor elkaar kan betekenen. Je komt er niet om alleen iets te halen’.
De diversiteit aan kerken is in zijn ogen een rijkdom: ‘we mogen heel divers zijn in hoe we ons Geloof beleven, tegelijkertijd delen we onze afhankelijkheid van God, de wil om Jezus te volgen en vandaaruit te handelen. Als vrijwilliger bij kerkdiensten in het detentiecentrum zie ik hoe dezelfde rituelen en gebruiken waar ik weinig mee had, juist voor anderen krachtig kunnen zijn. Misschien wel een knipoog van God.’
Voor Victor is leven uit geloof, er iets mee te dóén, heel belangrijk. ‘Dat we gered zijn door Jezus, zet alles in een ander perspectief. Toch blijft onze opdracht uitdagend: streef naar het goede – elke dag opnieuw – vanuit het besef dat de wereld niet draait op of om onze prestaties.’ Dat is heel anders dan hoe de maatschappij in elkaar zit. ‘Overal leer je dat je zelf de sleutels in handen hebt en overal wordt het resultaat beoordeeld.’ Niet bij God. De Bijbel staat vol met voorbeelden van mensen die God proberen te volgen, het goede proberen te doen en tegelijkertijd fouten maken. ‘Ik geloof dat God niet het resultaat van iemand beoordeelt. God vraagt een inspanningsverplichting: streef het goede na.’







